Woensdag 6 juli
Privéklinieken zien kansen in akkoord over beperking van de zorgkosten
De privéklinieken in Nederland hebben het grote akkoord over kostenbeheersing in de zorg eerder deze week ondertekend omdat zij groeikansen zien. Wel maken zij zich nog zorgen over de uitwerking.
Daar hangt van af hoe groot die groeikansen eigenlijk zijn. Dat blijkt uit gesprekken met vertegenwoordigers van de sector.
‘Dit boterbriefje is een trendwijziging in de Nederlandse zorg’, zegt Loek Winter, de zorgondernemer die in 2008 de IJsselmeerziekenhuizen heeft overgenomen. ‘Ik ben enthousiast over de rol die de zorgverzekeraars in het akkoord toebedeeld krijgen. Zij zullen nu in beweging moeten komen.’ Zijn verwachting is dat verzekeraars meer dan in het verleden zaken gaan doen met de privéklinieken.
Cruciale rol
In het akkoord dat afgelopen maandag in Den Haag is getekend committeren de klinieken, de ziekenhuizen en de zorgverzekeraars zich om de groei van de zorgkosten de komende jaren aan banden te leggen. De zorgverzekeraars krijgen daarbij een een cruciale rol. Zij zullen door selectiever in te kopen de ziekenhuizen moeten dwingen zich meer te specialiseren en betere zorg voor een betere prijs te leveren.
Daarbij kunnen zij er ook voor kiezen de zorg die zij traditioneel bij de gevestigde ziekenhuizen inkochten, nu in te kopen bij de privéklinieken.
Voorstander
Over het akkoord is lang gepraat. Aanvankelijk waren de privéklinieken niet bij dat overleg betrokken. Maar toen de plannen voor hen rampzalig leken uit te pakken, hebben zij alsnog een plek aan de onderhandelingstafel bevochten. Daarbij heeft minister Edith Schippers van Volksgezondheid naar verluidt een belangrijke rol gespeeld. Zij is voorstander van innovatie en concurrentie in de zorg en had een gewillig oor voor de bezwaren van de klinieken.
Met de ondertekening afgelopen maandag van het akkoord zijn de privéklinieken definitief tot de gevestigde orde van de zorgsector toegetreden. Dat betekent ook dat zij zich net als de ziekenhuizen binden aan de financiële plafonds die de overheid de sector oplegt.
Volwassen partij
Tot nu toe vielen de klinieken buiten die grenzen. ‘Dat is de tol die wij betalen voor ons succes’, zegt Jak Dekker, zorgondernemer en vicevoorzitter van de koepel van privéklinieken ZKN. ‘Wij zijn inmiddels een belangrijke factor in de zorg. Als de overheid dan doelstellingen heeft over kostenbeheersing, dan kunnen wij daar als volwassen partij niet voor weglopen.’
De plannen waartegen de privéklinieken eerder dit jaar in opstand zijn gekomen, voorzagen niet alleen in een financieel plafond voor de sector als geheel, maar ook voor de individuele ziekenhuizen en klinieken.
Goed scoren
Vooral voor de snel groeiende privéklinieken zou zo’n individueel plafond funest uitpakken. In het maandag getekende akkoord is uiteindelijk alleen voor de sector als geheel een plafond vastgesteld. Zolang de verzekeraars bij het afsluiten van contracten met de sector onder de grenzen van het plafond blijven, kunnen zij switchen tussen ziekenhuizen onderling en tussen ziekenhuizen en privéklinieken.
‘De verzekeraars gaan selectief inkopen op prijs en kwaliteit. Wij denken dat wij op die punten goed scoren’, zegt Theo Roos, voorzitter van ZKN. De privéklinieken claimen zo’n 15% tot 20% goedkoper te zijn dan de reguliere ziekenhuizen. ‘Binnen het macrobudget voor de hele sector kunnen wij nog steeds snel groeien.’
Punt van zorg
Wat de klinieken verder in de kaart speelt, is dat Schippers heeft besloten dat het deel van de markt waarvoor vrije prijzen gelden volgend jaar omhooggaat van 30% naar 70%. ‘Straks gelden voor alle behandelingen van de klinieken vrije prijzen’, zegt Roos.
Dat betekent niet dat alle zorgen van de klinieken met het akkoord zijn weggenomen. Het grootste punt van zorg is een akkoord dat minister Schippers eind vorig jaar heeft gesloten met de Orde van Medisch Specialisten. Daarin wordt de ruimte voor de groei van de specialistenhonoraria beperkt.
Ieder ziekenhuis krijgt een vast budget voor de specialisten, dat met slechts 2,5% per jaar mag groeien. De privéklinieken waren bij de totstandkoming van dat akkoord geen partij.
Gewenste verschuiving
Het ijkjaar voor het specialistenbudget is 2009. De reden is dat zorgtoezichthouder NZa niet beschikt over recentere cijfers. Voor de ziekenhuizen maakt dat niet zo veel uit, maar voor snelle groeiers zoals de privéklinieken wel. Door die snelle groei hebben zij veel meer budget nodig voor hun specialisten dan in 2009.
Volgens Jak Dekker van ZKN zullen specialisten die in klinieken werken dit jaar zo’n € 140 mln aan honoraria declareren. Vanaf 1 januari 2012, als het nieuwe regime ingaat, zullen zij het echter met een bedrag van € 64 mln moeten doen. ‘Dat betekent dat de klinieken in 2012 veel minder productie kunnen draaien en dus niet kostendekkend zullen zijn.’
Dekker heeft zijn hoop gesteld op NZa. De klinieken en de ziekenhuizen zijn nog in overleg met de zorgtoezichthouder over een regeling voor de honoraria. Dekker: ‘Dit moet goed geregeld worden, anders komt van de gewenste verschuiving van productie binnen de sector niet veel terecht.’