Kwaliteitsinformatie over zorg belangrijk voor patiënten, ziekenhuizen en zorgverzekeraars

Een nieuwe set van kwaliteitsindicatoren voor 2020 over de kwaliteit van medisch specialistische zorg is onlangs definitief vastgesteld. Medisch specialisten, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en vertegenwoordigers van patiënten werken samen aan deze kwaliteitsindicatoren waarmee ze de kwaliteit van de zorg bij bepaalde aandoeningen in kaart brengen. Het is een middel waarmee met name het resultaat van een behandeling gemeten wordt. Ziekenhuizen en klinieken leveren één keer per jaar informatie aan bij het Zorginstituut Nederland, aan de hand van de vastgestelde kwaliteitsindicatoren. Het Zorginstituut publiceert de indicatoren en de uitkomsten in een Openbare Database. Op deze manier kan de kwaliteit van ziekenhuizen en zelfstandige klinieken voor specifieke aandoeningen eenduidig met elkaar worden vergeleken. Patiënten, ziekenhuizen, artsen en zorgverzekeraars maken daar elk op hun eigen manier gebruik van.

Sinds drie jaar werken de verschillende partijen formeel samen aan het tot stand komen van de indicatoren. Het doel is om zo de kwaliteit van zorg inzichtelijk te maken voor de patiënt en om de zorgkwaliteit te verbeteren. De samenwerking heeft tot gevolg dat artsen en ziekenhuizen minder informatie hoeven aan te leveren omdat ze geen indicatorenlijsten hoeven in te vullen voor verschillende organisaties. Het samen werken aan de indicatoren maakt ook dat er meer betrokkenheid en overeenstemming is over die indicatoren. Daarnaast zijn zorgaanbieders verplicht om de informatie over uitkomsten van de indicatoren aan te leveren. De uitkomsten geven informatie over de kwaliteit van behandelingen van de individuele ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra.

Zoektocht naar reden infectie na een knievervanging
Een voorbeeld daarvan is informatie over het infectiepercentage na een knievervanging. “Een infectie is vreselijk voor de patiënt, want dan moet hij of zij opnieuw geopereerd worden”, vertelt Sjoerd Bulstra, orthopeed en vicevoorzitter van de Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV). Namens de NOV is Bulstra nauw betrokken bij onder meer de kwaliteitsindicatoren voor heup- en knievervanging. “Als het infectiepercentage bij een ziekenhuis ineens omhoog gaat, dan moet je heel wat overhoop halen om te vinden hoe dat komt. Het kan door de luchtbehandeling van het ziekenhuis komen. Een deur te vaak openen, mensen die hun kleding niet netjes dragen, te veel mensen in de operatiekamer. Allerlei mogelijke oorzaken. We proberen als NOV in zo’n situatie samen met de artsen en het ziekenhuis te vinden wat precies de oorzaak is.”

17% zoekt naar kwaliteitsinformatie over zorgaanbieders en zorgorganisaties
Met dit voorbeeld geeft Bulstra heel goed aan wat de belangrijkste functie van de indicatoren is, namelijk leren en verbeteren. Vervolgens is het van belang dat patiënten kennis kunnen nemen van de kwaliteit van een behandeling. En vooral ook: dat ze kunnen zien wat de kwaliteitsverschillen zijn bij de verschillende ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra. Uit een onderzoek van Nivel afgelopen zomer kwam naar voren dat 17% van de algemene bevolking zoekt naar kwaliteitsinformatie over zorgaanbieders en zorgorganisaties.

Informatie ontsluiten voor patiënten
Met de informatie die beschikbaar komt uit onder meer de kwaliteitsindicatoren maakt Patiëntenfederatie Nederland zogenoemde keuzehulpen. Daarmee kunnen patiënten de kwaliteit van zorgaanbieders vergelijken. Kijken we naar het voorbeeld van de knievervanging dan vind je in de betreffende keuzehulp onder meer informatie over infecties en het aantal heroperaties. “Zonder de uitkomsten van de indicatoren kunnen we die keuzehulpen niet maken”, zegt Bart van Bruggen, adviseur patiëntenbelang bij Patiëntenfederatie Nederland. “Vanaf eind februari van dit jaar meten we de bezoekersaantallen van keuzehulpen. Sindsdien zijn er bijna 30.000 bezoekers geweest die een keuzehulp hebben gebruikt.” De vindbaarheid voor patiënten van de kwaliteitsgegevens kan nog wel wat beter, vindt Van Bruggen. “Het helpt als verschillende partijen verwijzen naar die informatie. Wat wij graag zouden willen is dat op www.thuisarts.nl, een website van de Landelijke Huisartsen Vereniging die vooral informatie geeft over aandoeningen, verwijst naar de keuzehulpen.” Ook de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) voldoet aan een behoefte. Zij gebruiken de uitkomsten van de indicatoren om zorginstellingen met elkaar te vergelijken via ziekenhuischeck.nl. Deze website is bedoeld voor patiënten en hun naasten om inzicht te krijgen in de uitkomsten van behandelingen. Die kunnen ze, naast andere factoren, mee laten wegen in de keuze voor een ziekenhuis of revalidatie-instelling.

Zorgverzekeraar gebruikt uitkomsten bij het inkopen van zorg voor verzekerden
Een groep die ook betrokken is bij de totstandkoming en het gebruik van kwaliteitsindicatoren vormen de zorgverzekeraars. Richard Jacobs is medisch adviseur bij CZ en samen met de inkoper bij de zorgverzekeraar nauw betrokken bij de inkoop van ziekenhuiszorg. “Wij gebruiken de kwaliteitsinformatie die beschikbaar komt via de kwaliteitsindicatoren één op één voor de zorginkoop. Het gaat om het resultaat van een behandeling. Dat geldt ook voor informatie die uit vragenlijsten komt die patiënten invullen.” Jacobs duidt op vragenlijsten die patiënten krijgen via het ziekenhuis en die gaan over de tevredenheid van patiënten. De antwoorden geven een beeld van het effect van een behandeling vanuit het perspectief van de patiënt. “Je kunt zien wat het verschil is tussen hoe de mobiliteit was vóór de operatie en na een jaar. Dat bepaalt in hoge mate of de ingreep zinvol is geweest voor een verzekerde. De vragen gaan bijvoorbeeld over aankleden, stofzuigen en hoe de heup functioneert. Dat zijn factoren die laten zien hoe iemand erop vooruit is gegaan.” Het is dus belangrijk dat patiënten deze lijsten invullen, want dat levert een belangrijke bijdrage aan de verbetering van de kwaliteit van zorg. Over de kwaliteitsindicatoren en de patiëntenvragenlijsten zegt Jacobs: “Zodra wij zien dat een instelling onder het gemiddelde scoort, gaan we vragen stellen zoals: kloppen die data, is er een verhaal bij, is er een bijzondere reden? En kunnen we een verbeterafspraak maken? Als na een jaar geen bevredigend antwoord komt en de scores laag blijven, dan kan dat voor ons een reden zijn om minder zorg in te kopen. Andersom geldt hetzelfde: als een instelling bestendig positief scoort, dan kunnen we daar meer van de betreffende zorg inkopen.”

Intensieve samenwerking en opbouwende discussies
De totstandkoming van kwaliteitsindicatoren met veel partijen is een intensief proces. Richard Jacobs van CZ: “Omdat je minimaal twee keer per jaar aan tafel zit, krijg je begrip voor elkaars posities en kun je inhoudelijk discussiëren. Je kent elkaar en weet wat je aan elkaar hebt. Je kunt je uitspreken tegenover elkaar en toch blijft de relatie goed.” Orthopeed Sjoerd Bulstra is het met hem eens: “Binnen de samenwerking over de indicatoren hebben de partijen soms andere belangen bij het behouden of schrappen van bepaalde indicatoren. Daar krijg je dan discussie over, waarbij het soms best lastig is om tot overeenstemming te komen. Maar je moet er samen uitkomen. Het zijn prima opbouwende discussies.” Bart van Bruggen van Patiëntenfederatie Nederland vindt de samenwerking belangrijk omdat het keuze-informatie voor patiënten oplevert. “Die informatie is niet te verkrijgen als je het als individuele patiënt moet uitzoeken.” Hij voegt daar wel aan toe dat het proces rond de kwaliteitsindicatoren erg langzaam gaat. Richard Jacobs beaamt dat, maar: “Die tijd hebben we nu eenmaal nodig. Daardoor is de totstandkoming en het gebruik van de kwaliteitsindicatoren betrouwbaar en veilig.”